Kruipruimte vocht ventilatie
Ieder mens wil zich graag lekker voelen. Of dit al dan niet het geval is, hangt af van een groot aantal factoren. We denken dan in de eerste plaats aan zijn geestelijke en lichamelijke gezondheid. Daarnaast is ook \ ~t we noemen het fysisch milieu van belang. Hierbij kan men denken aan geluidoverlast. ~oude voeten en nog een aantal andere prikkels die an buiten af op de mens Inwer- ken.
In dit hoofdstuk zullen we aan twee factoren speciale aanda ht \ ijden: de
temperatuur en de vochtigheid. Vooral in de \ inter is het, \ illen we ons behaaglijk voelen, noodzakelijk de temperatuur binnen op een ni eau te brengen dat hoog is ten opzichte van het niveau buiten. Dit berekent dat warmte naar buiten verdwijnt. Deze warmte moet binnen \ eer \ orden geproduceerd waarvoor energie, meestal in de vorm van aardgas, nodig i . Er bestaat dus een nauw verband tussen energiegebruik en temperatuur. Ook de vochtigheid van de lucht heeft invloed op ons ge oei van behaaglijk-
heid. In de winter kunnen we ons uitgedroogd oelen. atuurlijk kunnen we hier wat aan doen met behulp an be ochtigingsapparatuur, maar dit kost ook energie. Tenslotte noemen we ook nog het erschijnsel tocht. De lucht in een vertrek is altijd in beweging; er zijn altijd bepaalde luchtstromingen, die we gewoonlijk niet voelen. Is de snelheid waarmee de lucht stroomt echter erg hoog, meer dan zo'n 25 mis (meter per seconde) - men preekt dan van tocht - dan ervaren we dat, behalve als het erg warm is, als hinderlijk.
Er is echter geen sprake van een tegenstrijdigheid tussen ons erlangen tocht te voorkómen en energie te besparen. Integendeel: vermindering an tocht betekent tegelijkertijd besparing van energie en dus verlaging van de brandstofrekening. Op het verband tussen tocht en behaaglijkheid zullen we hier niet nader ingaan. Door een goede dichting van naden en kieren kan men dit verschijnsel bestrijden.
Overigens moeten we ons wel realiseren dat een bepaalde mate van ventilatie altijd nodig .is. We hebben frisse lucht nodig om in leven te blijven, en ook onze verbrandmgstoestellen (e.v.-ketel, gasfornuis, gasgeiser enz.) werken alleen maar goed en veilig bij voldoende toevoer van zuurstof. In hoofdstuk 4 komen we op de ventilatieproblematiek terug.
Geen twee mensen zijn gelijk. Wat de een als een prettige temperatuur ervaart, zal door de ander als te warm of te koud worden ervaren. Er is vermoedelijk geen gezin te vinden waar nooit een discussie over dit onderwerp plaatsvindt.










